Zit je dan. Morgen ochtend de laatste training van dit seizoen en dan even 4 weekjes vakantie. Verdiend zeggen ze dan. Daar ben ik het eerlijk gezegd heel erg mee eens.
Ik herinner me nog heel goed hoe ik aan dit seizoen begon. Gedreven tot op het bot, gebrand om me dit seizoen te bewijzen en mezelf weer op de kaart te zetten. Zoals de meeste topsporters ben ik afgelopen seizoen begonnen met doelen stellen. Ik ben er dit seizoen dan ook achter gekomen dat doelen stellen één van de belangrijkste dingen zijn in het leven van een topsporter. Wat wil je bereiken dit seizoen? Hoe wil je dat bereiken? Wat moet je daarvoor doen en wat moet je daarvoor zoal laten? Over mijn doel voor afgelopen seizoen hoefde ik niet lang na te denken. 2012 is het jaar van de Olympische Spelen. De Spelen werden dan ook mijn doel.
Er werd ons verteld dat er een 4x200 vrije slag ploeg in Londen zou kunnen starten, als er aan het limiet voldaan werd. 8.02.30. Toen mijn trainster mij dat voor de eerste keer vertelde, voelde ik de kriebels al in m’n buik. Ik wilde en zou in die 4x200 ploeg terechtkomen. Daar heb ik mijn doel dan ook op gebaseerd. Doel van het seizoen 2011-2012 was onder de 2 minuten grens komen op de 200 meter vrije slag op de lange baan. Met die tijd zou ik een grote kans hebben om in die 4x200 ploeg te komen.
Klinkt natuurlijk allemaal heel leuk en aardig die doelen, maar die 2 minuten grens is magisch. Ik had voor dit seizoen een tijd staan van 2.03.30. Wat dus betekende dat ik meer als 3 seconden van mijn tijd moest halen, wilde ik mijn doel halen. Impossible zou je denken.
De eerste stap richting die 2 minuten grens zou ik moeten zetten op het Olympisch Kwalificatie Toernooi in december 2011. Ik zwom daar op vrijdag 4x100 meter vrije slag estafette met PSV, zaterdag 200 vrij en zondag 100 vrij. En dan eventueel zondag middag de 4x200 vrije slag limiet poging. Wat een top toernooi was dat voor mij. Dikke PR’s op alle afstanden. Op de 200 vrij 2.01.73 en op de 100 vrij ook een dik PR (van 57,50 naar 56,63). Die 2.01.73 betekende dat ik zondag in de 4x200 ploeg mocht starten en we zwommen 8.03.89. Dik een seconde boven het limiet dus. Maar op dat moment maakte dat voor mij niet veel uit, we hadden nog een kans voor het limiet en ik had een grote stap in de goede richting gemaakt.
Na het OKT hadden we kerstvakantie. In de voorbereiding naar het OKT heb ik qua arbeid en rust verhouding heel veel geleerd. Vóór dit seizoen stonden zwemmen en school namelijk beide op nummer 1. Nadat ik in mei 2011 geslaagd was voor mijn VWO examen, wilde ik dit jaar zwemmen met stip op nummer 1 zetten. En school, ja, dat moest dan maar wijken. Daar heb ik heel veel van geleerd en ik weet dat dat ook een hele belangrijke stap is geweest. Wat ik ook heb geleerd is kiezen. ‘Vroeger’ wilde ik altijd alles zwemmen. Ook de 400 vrij en de 100 vlinder. Maar dat werd me voor de OKT sterk afgeraden en dat advies heb ik ter harte genomen. Wat een uitvinding zeg, dat kiezen!
Na de kerstvakantie gingen we weer opbouwen richting de Swimcup in Eindhoven in april. Daarvoor hadden we nog een wedstrijd in Antwerpen in januari en een Swimcup in Amsterdam in maart. Die gingen beide niet super, maar door dat doel dat ik voor ogen had, zag ik die wedstrijden alleen als een tussenstation, een training, een oefening voor mijn hopelijk SUPER race in Eindhoven in april.
En zoals het altijd gaat, de tijd vlooooooooog en opeens stond ik op het startblok voor de series 100 vrij op donderdag 12 april. Na de series was ik met een redelijk tijd door naar de halve finale 100 vrij en daar zwom in een PR van 56,02. Een goede start voor een hopelijk prachtig toernooi.
Op zaterdag stond de 200 vrij op het programma. ’s Ochtends in de series zwom ik 2.01.20 (PR) en ging ik als 4e de finale in.
Tijdens die finale heb ik toegepast wat ik geleerd had de afgelopen maanden. Focus, en je bezig houden met je eigen doel en je taak. Gewoon doen wat je moet doen, no nonsense. In die finale zwom ik een tijd van 2.00,62 en eindigde ik als 3e Nederlandse. Ik had m’n plek in de 4x200 vrije slag ploeg.
Zondag middag werd de limiet poging 4x200 vrij gezwommen. Wendy van der Zanden, Rieneke Terink, Saskia de Jonge en ik waren gebrand om dat limiet aan flarden te zwemmen. We zwommen 9 honderdste te langzaam. 0,09 sec. te langzaam. 8.02.39. Tja. Daar gaat je doel, weg droom, weg Olympische Spelen. Een freakin’ vingertopje te langzaam.
De paar dagen daarna zijn moeilijk te beschrijven. Ik heb na de Swimcup een ruime week vakantie genomen en ben daarna weer begonnen met trainen. Dat viel me vies tegen. Naar de Swimcup toe had ik zo’n onwijze drive, en de teleurstelling was toch wel groot. Het duurde echt een tijdje voordat ik me weer lekker voelde.
Ik had na de Swimcup nog 2 wedstrijden op het programma staan: de NK en ik was uitgenodigd om met de Olympische ploeg deel te nemen aan de Sette Colli Trophy in Rome. De behaalde resultaten daar waren niet om naar huis over te schrijven, maar ik heb ontzettend veel geleerd en het heel leuk gehad.
Na Rome heb ik nog een paar weekjes doorgetraind en nu is het seizoen dan eindelijk bijna afgelopen. Dus dan blik je altijd even terug op het afgelopen seizoen. Of ik tevreden ben? Ik heb mijn doel niet gehaald. Die 2 minuten grens is nog steeds magisch. Maar ik heb dikke PR’s gezwommen, enorm veel geleerd, gegroeid als sporter. En hey, zwemmen is gewoon ontzettend gaaf. Die Olympische Spelen zijn er over 4 jaar weer, en daar tussenin zitten ook nog WK’s en EK’s. En zeg nou zelf, Rio de Janeiro is toch veel leuker als Londen?
Nu ga ik vakantie vieren en in augustus weer beginnen met seizoen 2012-2013, met enorm veel gedrevenheid, passie, nieuwsgierigheid en een grote lach om m’n gezicht. En zoals Frank Sinatra zei, the best is yet to come.
X Andrea